×

Waarschuwing

JFile: :lezen: Kan het bestand niet openen:

Vorige week namen we in de gemeenteraad de verordening op het burgerinitiatief aan. Met een ruime meerderheid, zonder noemenswaardig politiek debat. Niets spannends dus? Met het aannemen van die verordening maken we het voor Utrechters mogelijk om met 250 handtekeningen een onderwerp op de raadsagenda te krijgen. Voor een plan op stedelijk niveau was dat 2500 handtekeningen: een flinke verlaging dus. Het gaat om 'bespreken': geen enkele garantie dus dat uw geweldige initiatief omarmd wordt; wel dat we er in de politieke arena over debatteren.

Het aannemen van de verordening lijkt iets kleins, maar toch ben ik er blij mee. We zullen vanaf de inwerkingtreding van deze verordening vast niet elke maand uren debatteren over alle burgerinitiatieven. Maar deze verordening brengt een verbinding tussen wat de participatieve democratie genoemd wordt (gewoon, de dingen die mensen doen, omdat ze borrelen van de ideeën en graag iets doen in hun eigen wijk of stad) én de representatieve democratie (de gekozen volksvertegenwoordiging, de gemeenteraad). De participatieve democratie is booming: initiatieven schieten als paddestoelen uit de grond  en krijgen veel aandacht, terwijl de representatieve democratie vol medelijden wordt bekeken: opkomstpercentages dalen, en veel politieke partijen kampen met ledenverlies. Ik heb al vele artikelen gelezen waarin beschreven wordt hoe gemeenteraden worstelen met de inititiatieven in hun gemeente.

Veel initiatieven worstelen met de systeemwereld van diezelfde gemeente. Want de gemeente werkt in afdelingen en portefeuilles, met doelen en budgetten op elk terrein afzonderlijk. Terwijl initiatieven zich van die grenzen niets aantrekken ("als we nou toch het groen gaan aanpassen, laten we dan meteen even naar die speeltoestellen kijken en de oversteekplaats moet ook anders"). Bovendien is de gemeentelijke organisatie grotendeels bezig met de uitvoering van meerjarig geplande activiteiten, binnen de doelstellingen en budgetten die ze van de raad hebben meegekregen. Dat wringt met het lekker inspelen op frisse ideeën van inwoners die net zijn opgekomen en het liefst zo snel mogelijk moeten worden uitgevoerd!

Wie kan die werelden beter bij elkaar brengen dan de gemeenteraad? Als lekenbestuur zijn we primair inwoners van deze stad en kunnen ons inleven in initiatieven. Maar we kennen ook de weg in de bureaucratie en maken  continu keuzes in wat de gemeente doet en hoeveel geld daar naartoe gaat. Normaal gebeurt dat vooral met stukken die vanuit het college en de ambtelijke organisatie op ons afkomen: nu kunnen 250 inwoners ook een beslissing van ons vragen. Dat brengt inwoners in een betere positie om te sturen op wat er in hun stad of buurt gebeurt. Uiteraard met de uiteindelijke afweging door de raad, die alle belangen afweegt, zeker ook die van de mensen die minder snel 250 handtekeningen zullen verzamelen om iets voor elkaar te krijgen.

Een mooie stap vooruit dus! Maar natuurlijk zijn we nog niet klaar: de gemeenteraad zou voor een principebesluit over initiatieven in de samenleving, of die nu via de gemeentelijke organisaties of via inwoners de raadsagenda bereikt, wel wat snellere procedures mogen hebben. En het staat of valt met meer ruimte in de gemeentelijke begroting om initiatieven financieel mogelijk te maken. Iets meer bottom-up begroten dus. Als je daar nieuwe ideeën over hebt: ik houd me aanbevolen!

Any data to display